Door Emma Haché
Letterkundige Emma Haché onderzoekt aan de hand van het toneelstuk Het revolutionaire huishouden (1798) van Lieve van Ollefen het feministische debat in de achttiende eeuw in de Nederlanden. Zowel verscheidene revoluties als het opkomende idee van de gescheiden sferen vormden eind achttiende eeuw de basis voor feministisch verzet. Terwijl in omringende landen Olympe de Gouges en Mary Wollstonecraft in de pen klommen om zich te verzetten tegen sociale ongelijkheid en mannelijke dominantie, bleef het in de Nederlanden opvallend stil. Terwijl ook hier een woelig politiek schouwtoneel aan de gang was met de Patriottenopstand en de Bataafse Revolutie. Haché herkent in Van Ollefens radicaal feministische werk met patriarchale trekjes precies de ambiguïteit van waaruit ze de politieke en sociale spanningen in de Nederlanden kan duiden.